directorygr.gif (11383 bytes)

 

 

 

 

Om voortdurend bewust te zijn van Sathya Sai Baba's leringen, deze in praktijk te brengen en waardige instrumenten van de goddelijke Meester te zijn, dient iedere toegewijde van Sathya Sai Baba een spirituele discipline (sadhana) na te streven, die is opgenomen in het dagelijks leven, waardoor deze discipline daarvan een onderdeel wordt en ieder gezin tot een eenheid maakt.  De negen gedragsregels zoals uit Prasanthi Nilayam zijn ontvangen.

De Negen Gedragsregels

De Tien Beginselen

Snoer van Zesenveertig Parels

 

De Negen Gedragsregels

1. Dagelijks meditatie en gebed.

2. Eens per week devotionele liederen zingen en bidden met gezinsleden.

3. Deelname aan het programma Sai Spiritueel Onderwijs zoals georganiseerd voor kinderen van o.a. Sai toegewijden.

4. Deelname aan gemeenschapswerk en andere programma's van de Organisatie.

5. Tenminste éénmaal per maand aanwezig zijn bij het zingen van devotionele liederen, zoals door het centrum / de groep / mandir wordt georganiseerd. [*]

6. Regelmatig Sathya Sai Baba's literatuur bestuderen.

7. Tegen iedereen met milde stem en liefdevol spreken.

8. Geen kwaad spreken over anderen, vooral niet in hun afwezigheid.

9. Het in praktijk brengen van 'Grenzen aan Wensen' en het bespaarde gebruiken voor dienstbaarheid aan de gemeenschap (seva).

Nadat men de negen punten van de 'de negen gedragsregels', en de innerlijke betekenis ervan, heeft gelezen en begrepen in de zin van het dagelijks leven, is het van gelijk belang de tien beginselen te bestuderen. Deze zijn afgekondigd door Sathya Sai Baba op zijn zestigste verjaardag toen Hij opriep tot 'Integratie van de wereldgemeenschap' - een programma van universele geweldloosheid (ahimsa) - de manifestatie van de spirituele dimensie in de mens. Deze beginselen hebben over het algemeen betrekking op maatschappij-gerichte spirituele oefeningen (sadhana) en dienen te worden bestudeerd teneinde de goddelijke strekking ervan te begrijpen. Wij streven ook naar het onderhouden van:

De Tien Beginselen

1. Beschouw het land waarin je bent geboren als heilig. Wees vaderlandslievend, maar bekritiseer of verneder andere landen niet. Zelfs in je gedachten of dromen moet het niet in je opkomen je land nadeel te berokkenen.

2. Eerbiedig alle godsdiensten in gelijke mate.

3. Erken de menselijke broederschap; behandel allen als broeders en zusters; heb iedereen lief.

4. Houd je huis en leefomgeving schoon, want dit zal de hygiëne en gezondheid bevorderen en je ten goede komen.

5. Wees menslievend maar beledig armlastigen niet door geld te geven; geef in plaats daarvan voedsel, kleding, onderdak en help hen op andere manieren; moedig luiheid niet aan.

6. Koop niemand om en neem geen steekpenningen aan.

7. Bedwing afgunst en jaloezie; laat je blik en je levensopvatting zich verwijden; behandel iedereen gelijk, ongeacht afkomst of geloof.

8. Probeer zoveel mogelijk zelf te doen; maak jezelf onafhankelijk van anderen, maar zet je wel in voor belangeloze dienstverlening aan de gemeenschap.

9. Aanbid God en heb Hem lief.

10. Gehoorzaam aan de wetten van het land: wees een voorbeeldig burger.



Snoer van Zesenveertig Parels

Geestelijke Leiding - Wanneer Sai Baba devotees afzonderlijk ontvangt, is het om hen te adviseren, te waarschuwen en aanbevelingen te doen. Toen een devotee Hem eens om gedragsregels vroeg, somde Sai Baba er enkele op die Hij vooraf liet gaan door de opmerking dat het 'enkele gesorteerde juwelen' waren. Men is verbaasd en geboeid door Zijn voortdurende materialisaties, maar Zijn kostbaarste juwelen zijn de lessen die Hij zo royaal geeft.

Hier is het snoer van zesenveertig parels dat Hij voor die devotee creëerde:

1. Prema, liefde, dient beschouwd te worden als de levensadem zelf.
2. Geloof dat de liefde die in alle dingen in gelijke mate aanwezig is, het paramatma is (de allerhoogste ziel of goddelijke emanatie).
3. De enige goddelijke emanatie (paramatma) is in iedereen in de vorm van liefde aanwezig.
4. Van alle vormen van liefde, behoort de liefde voor de Heer op de eerste plaats te komen.
5. Zo’n op God gerichte liefde is bhakti (devotie); dat is de eerste vereiste, het ontwikkelen van bhakti.
6. Zij die de gelukzaligheid van het atma (het goddelijke zelf) zoeken, moeten niet de genietingen van de zintuigen najagen.
7. Sathya, waarheid, moet als net zo levenschenkend ervaren worden als de adem zelf.
8. Evenals een lichaam zonder adem
nutteloos is en binnen enkele minuten begint te rotten en te stinken, is een leven zonder waarheid nutteloos en wordt het de stinkende verblijfplaats van strijd en ellende.
9. Wees ervan overtuigd dat er niets groter is dan waarheid, niets kostbaarder, niets zoeter en niets wat meer blijvend is.
10. Waarheid is de allesbeschermende God. Er is geen machtiger beschermer dan waarheid.
11. De Heer, die sathya-svarupa is (de belichaming van waarheid), verleent zijn darshan aan hen die de waarheid spreken en een liefdevol hart bezitten.
12. Wees altijd vriendelijk jegens alle wezens en toon tevens een geest van zelfopoffering.
13. Je moet ook de zintuigen beheersen, een kalm karakter hebben en onthecht zijn.
14. Wees altijd op je hoede voor de vier zonden die de tong geneigd is te begaan:
-1. het spreken van onwaarheid;
-2. het kwaadspreken over anderen;
-3. roddelen;
-4. te veel praten. Tracht deze neigingen te beheersen.
15. Probeer de vijf zonden die het lichaam begaat te voorkomen: moord, overspel, diefstal, het drinken van alcohol en het eten van vlees. Het is een grote steun voor het geestelijke leven als je deze zaken zo ver mogelijk bij je vandaan houdt.
16. Men moet altijd waakzaam zijn, zonder een moment van onoplettendheid, tegen de acht zonden die de geest belagen: kama of begeerte, krodha of woede, lobha of hebzucht, moha of gehechtheid, ongeduld, haat, egoïsme en trots. De eerste plicht van de mens is om deze zaken op een veilige afstand te houden.
17. Het menselijk denken ijlt voort en jaagt verkeerde dingen na. Sta dit niet toe en herhaal op zo'n moment de naam van de Heer of tracht een of andere goede daad te verrichten. Zij die zo handelen worden de genade van de Heer waardig.
18. Geef allereerst de kwade neiging op jaloers te zijn op de voorspoed van anderen en het verlangen hen kwaad te doen. Verheug je over het geluk van anderen. Heb medelijden met hen die in armoe verkeren en wens hun geluk toe.
19. Geduld is de enige kracht die de mens nodig heeft.
20. Zij die graag in vreugde willen leven, moeten altijd goed doen.
21. Het is gemakkelijk boosheid met liefde te overwinnen, gehechtheid met rede, onwaarheid met waarheid, het slechte met het goede en hebzucht met vrijgevigheid.
22. Men moet niet op de woorden van boosaardige mensen ingaan. Houd je verre van hen; dat is voor je eigen bestwil. Verbreek alle relaties met zulke mensen.
23. Zoek het gezelschap van goede mensen, zelfs tegen de prijs van eigen eer en leven. Maar bid God je met het inzicht te zegenen dat nodig is om onderscheid te maken tussen goede en slechte mensen. Tracht hierbij ook je eigen gezonde verstand te gebruiken.
24. Velen die landen veroveren en roem in de wereld verwerven, worden ongetwijfeld als helden geprezen; maar degenen die de zintuigen hebben overwonnen, dat zijn de helden die we moeten uitroepen als overwinnaars van het atma.
25. Welke daden de goede of slechte mens ook mag doen, de vruchten daarvan zullen hem volgen en altijd blijven volgen.
26. Verlangen levert alleen maar verdriet op; tevredenheid is het beste. Er is geen groter geluk dan tevredenheid.
27. De neiging tot tweedrachtzaaien moet met wortel en al worden uitgeroeid. Als je die laat bestaan, zal zij het leven zelf ondermijnen.
28. Verdraag met kracht zowel verlies als verdriet; probeer plannen te verwezenlijken om vreugde en vooruitgang te bereiken.
29. Wanneer je door boosheid wordt overvallen, beoefen dan de stilte en denk aan de naam van God. Probeer niet aan dingen te denken die je boosheid nog doen toenemen.
30. Vermijd van nu af aan alle kwade gewoonten. Stel het niet uit of af. Ze dragen op geen enkele manier tot vreugde bij.

31. Probeer zoveel als binnen je vermogen ligt aan de noden van de armen tegemoet te komen, want zij zijn werkelijk daridranarayana (de Schepper zelf die zijn woonplaats in hen gevonden heeft). Deel het voedsel dat je hebt met hen en maak hen tenminste voor dat moment gelukkig.
32. Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet. 33. Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet.
33. Over de fouten en de zonden die je in je onwetendheid hebt begaan, moet je ernstig berouw hebben. Probeer de fouten en zonden niet nogmaals te begaan; bid God je met de kracht en de moed te zegenen die nodig zijn om je op het rechte pad te houden.
34. Laat niets tot je toe wat je enthousiasme voor en verlangen naar God zal vernietigen. Gebrek aan ijver zal de ondergang van de kracht van de mens veroorzaken.
35. Geef je niet over aan lafheid; geef ananda (gelukzaligheid) niet op.
36. Blaas je niet op wanneer de mensen je prijzen; voel je niet bedrukt wanneer de mensen je bekritiseren.
37. Als er onder je vrienden iemand is die een ander haat en ruzie begint, probeer hen dan niet nog meer op te stoken zodat zij elkaar nog meer haten; probeer integendeel met liefde en medeleven hun vroegere vriendschap te herstellen.
38. Zoek je eigen fouten in plaats van de fouten van anderen. Ruk ze uit en werp ze weg. Het is beter één fout van jezelf te achterhalen dan honderden fouten van anderen.
39.
Zelfs als je geen goede daad (punya) wilt of kunt doen, probeer dan geen kwade daad (papa) te bedenken of te begaan.
40. Wat de mensen ook mogen zeggen over fouten die je naar beste weten niet hebt, maak je geen zorgen. Voor wat betreft de fouten die je wel hebt, probeer die zelf te corrigeren, zelfs voordat anderen je daar opmerkzaam op maken. Koester geen wrok of bitterheid tegen mensen die jou op je fouten wijzen, maar toon hun je dankbaarheid. Reageer niet door op de fouten van die persoon zelf te wijzen. Je poging om die fouten te ontdekken is een grotere fout van jouw kant. Het is goed je eigen fouten te kennen; het is niet goed de fouten van anderen te kennen.

41. Als je wat vrije tijd hebt, verknoei die dan niet met allerlei prietpraat, maar benut die door over God te mediteren of anderen te dienen.
42. Alleen door de bhakta (toegewijde) wordt de Heer begrepen. De bhakta wordt alleen door de Heer begrepen. Buitenstaanders kunnen dat niet begrijpen. Bespreek daarom geen zaken met betrekking tot de Heer met anderen die geen bhakti (devotie) kennen. Door zo'n discussie zal jouw devotie afnemen.
43. Als iemand over een onderwerp met je praat en het blijkt dat hij je verkeerd heeft begrepen, blijf daar dan niet op hameren, maar licht het milde en het goede van wat hij zegt eruit. Het gaat om de ware bedoeling en niet of het verkeerd of anders begrepen is. Dat kan alleen maar ananda (gelukzaligheid) verstoren.
44. Als je eenpuntige aandacht wilt ontwikkelen, laat je aandacht dan niet alle kanten opgaan wanneer je in een menigte of in een warenhuis bent; kijk alleen naar de weg voor je, net voldoende om ongelukken te vermijden. Gerichte aandacht zal sterker worden naarmate je je aandacht bij de weg houdt, het gevaar vermijdt, en je blik niet op anderen laat vallen.
45. Geef alle twijfels over de goeroe en God op. Als je wereldse verlangens niet vervuld worden, wijt dat dan niet aan je devotie; er is geen samenhang tussen zulke verlangens en je devotie tot God. Eens komt de dag dat je deze wereldse verlangens toch moet opgeven; en er komt een dag dat gevoelens van devotie verworven moeten worden. Wees daar vast van overtuigd.
46. Als je dhyana (meditatie) of japa (het herhalen van de naam van God) niet goed vooruitgaat, of als de verlangens die je hebt gekoesterd niet bewaarheid worden, verlies dan niet je vertrouwen in God. Het zal je zelfs meer ontmoedigen en je zult je vrede verliezen, hoe groot of klein die ook was. Gedurende dhyana en japa moet je je niet ontmoedigd, wanhopig of terneergeslagen voelen. Wanneer zulke gevoelens oprijzen, neem dan aan dat het een gebrek is in jouw sadhana (geestelijke oefeningen) en probeer ze dan goed te doen.


Bron:
Een katholieke priester ontmoet Sai Baba.
Hoofdstuk 10: Het werk van Sai Baba - pagina's 128-131. 
Auteur: Don Mario Mazzoleni [1944-2001].
Oorspronkelijke titel: A Catholic Priest Meets Sai Baba, Leela Press Inc., Faber, Virginia, USA.
Vertaling: Nederlandse vertaling Stichting Sri Sathya Sai Baba, Uitgeverij Ankh-Hermes bv, Deventer 1996. ISBN: 90-202-8096-1 NUGI 614






Goede Gedachten - Sai Singers (Vol. 1) Tekst en akkoorden:
Zie en beluister de complete CD:  Mijn Naam is Waarheid - Addendum.

Goede gedachten zijn vrienden iedere keer / F# / E / B /  F#
Iedere keer goede gedachten / F# / E / B
Goede gedachten horen bij mij steeds meer / F# / E / B / F#
Steeds meer goede gedachten / F# / E / B
Goede gedachten zijn vrienden iedere keer / F# / E / B /  F#
Iedere keer goede gedachten / F# / E / B
Goede gedachten maken vrij steeds meer / F# / E / B / F#
Steeds meer goede gedachten / F# / E / B
Baba schenk ons Uw schone gedachten / C#  / E / B / C# 
Die helend werken in woord en gedrag / C#  / E / B / C# 
Baba schenk ons Uw schone gedachten / C#  / E / B / C# 
Die eren en dienen de goede lach / C#  / E / B / F# 

Sai Singers: De Muziekgroep de "Sai Singers" is een Nederlandse muziekgroep die gevormd is om nationale en eventueel regionale activiteiten van de Sathya Sai Organisatie Nederland te begeleiden. Verder wordt er naar gestreefd om Bhajans zo voor te dragen als door Sathya Sai Baba is bedoeld. 


[*] Eredienst Sai Babagroep Enschede (ov);
(Inlichtingen: 06 20520277)


zie ook:
Sathya Sai Organisatie Nederland-Centra.

 

 

vorige pagina / volg. pagina
over Sai Baba / beginselen / leringen / interview1976